Rijden in de bergen

Tips voor het rijden in de bergen

De zomer is weer in aantocht en veel mensen hebben inmiddels vakantieplannen gemaakt. Heeft u plannen om deze zomer met de auto richting of misschien zelfs in de bergen te rijden, zorg dan dat u goed voorbereid bent. Een ongeluk zit in een klein hoekje. Lees onze tips hoe u ongelukken kunt voorkomen en zo veilig mogelijk in de bergen rijdt.


Vr vertrek richting de bergen:

  • Zorg ervoor dat uw auto in goede conditie is, voordat u de bergen in gaat:
  • Laat de periodieke onderhoudsbeurten van uw auto altijd uitvoeren.
  • Laat uw banden, remmen, oliepeil, etc. controleren.
  • Check of de APK niet verlopen is (dit kan namelijk gevolgen hebben voor uw verzekering).
  • Zorg dat u een beroep kunt doen op pechhulp in het buitenland.
  • Zorg dat uw benzinetank gevuld is.
  • Neem extra koelvloeistof en/of water mee.
  • Zorg dat u een verbanddoos in uw auto heeft liggen.


Wanneer u in de bergen rijdt:

  • Wanneer u uw auto parkeert, zorg er dan altijd voor dat u de handrem aantrekt en de wielen richting berg kant draait. 
    NB: Zet de auto in de 1e versnelling, trek de handrem aan, laat dan de voetrem los en laat vervolgens de koppeling opkomen.
  • Gebruik, wanneer u naar beneden rijdt, een lage versnelling. Hiermee voorkomt u dat de auto te snel gaat. Heeft u het gevoel dat de auto nog te hard gaat, schakel desnoods terug naar de 1e versnelling (tot max. 20 km per uur).
  • Rem zoveel mogelijk af op de motor. Hiermee voorkomt u slijtage aan de remmen.
  • Wanneer u langzaam rijdt, hou dan rekening met het verkeer achter u. Stop zodra dit kan, zodat zij u kunnen passeren.
  • Passeer zelf alln als u duidelijk zicht heeft op de weg. Passeer nooit rond een bocht of heuvel.
  • Houd oog voor dieren, voetgangers, fietsers en toeristen aan de kant van de weg.
  • Let op de temperatuurmeter van de auto. Wanneer de temperatuur te veel oploopt, schakel dan de airco uit, zet de kachel en blower aan en zet de ramen open. Check of de temperatuur van uw auto daalt.
  • Heeft u een automaat? Zet dan uw auto in de speciale bergversnelling of rij in zijn 1 of 2. Laat uw auto niet in D (drive) staan. Uw auto schakelt dan namelijk vaak te vroeg wat slecht is voor de motor.